Een wielertoertocht, hoe leuk is dat?!

Geschreven door Paul van de Ven

Heel veel recreatieve wielrenners doen het, toertochten rijden zoals de Amstel Gold Race. Het is ook erg verleidelijk om jezelf te testen op hetzelfde parcours als de profs. Toch, als je er beter naar kijkt, is het appels met peren vergelijken. Een goedgetrainde prof van tussen de 25 en 35 jaar rijdt de Amstel Gold race in 6,5 uur waarvan hij 80% uit de wind rijdt en op een afgesloten parcours. De “copy cats”, waar ik er natuurlijk ook één van ben, doen over de hele afstand minstens 10 uur en rijden ongeveer de hele dag in de wind en tussen het gewone verkeer door. Daarnaast is de recreatieve rijder veel minder goed getraind en meestal ook een stuk zwaarder. Ik zeg dus, de inspanning van de recreant is veel zwaarder en voor velen ook te zwaar als ook gevaarlijk.

Wat is er leuk aan een toertocht:

1.      Er is een mooi parcours en je kunt gewoon de bordjes volgen

2.      Er is verzorging onderweg

3.      Gezelligheid bij start en finish en je kunt samen rijden

4.      Je kunt na afloop zeggen dat je de prestatie geleverd hebt.

Eerlijkheidshalve moet ik zeggen dat ik bijna nooit meer georganiseerde tochten rijdt. Ik vind ze te gevaarlijk door drukte en onervaren rijders. Tevens maak ik geen gebruik van de geboden faciliteiten zoals verzorging en als je dan 30 euro voor een tocht moet betalen vraag je je af waarom.

Toch reed ik dit jaar de georganiseerde tocht Veenendaal Veenendaal omdat mijn fietsgroepje daaraan meedeed. Afgelopen weekend reed ik de tocht nog een keer als training met 4 andere fietsers. Wat me opviel omdat ik de tocht zo kort achter elkaar reed, is dat de tweede keer veel relaxter was omdat er geen toertochtrijders in de weg reden en gevaarlijke capriolen uithaalden. Om de één of andere reden denken wij wielrenners als we een toertocht rijden dat het parcours (lees: openbare weg) van ons is. Door rood rijden, troep weggooien en te pas en te onpas sanitaire stops  maken vinden zij  dus normaal!?

Ik ken wat mensen die in gebieden wonen waar veel toertochten gereden worden en om bovenstaande redenen kotsen zij de wielrenners uit. Zoals ik al zei was de tweede keer Veenendaal Veenendaal lekker rustig met uitzondering van de stukken waar we pelotons deelnemers van de Classico Boretti tocht tegenkwamen. Omdat ik nooit in tegengestelde richting een toertocht rijd, is het me nog nooit opgevallen hoe dit soort groepen het fietspad claimen en je eigenlijk gewoon de kant in duwen. Bij ons lukte dat uiteraard niet maar ik zag een ouder echtpaar de berm in rijden die zo schrokken dat ik me afvraag of ze nog graag gaan fietsen.

Mijn allerbelangrijkste reden om toertochten te rijden was altijd dat iemand anders een magnifiek parcours had bedacht. Tegenwoordig zijn deze parcoursen op internet echter overal te downloaden om in je navigatie apparaat te zetten.

En dan is er nog een rol weggelegd voor Strava. Ik heb ooit eens het parcours van de Marmotte gereden in een best goede tijd. Toch zijn er mensen die menen dat je alleen de Marmoptte gereden hebt als je ook een oorkonde en medaille hebt. Het lukt echter vaak niet om ingeloot te raken (omdat er teveel freaks zijn) en ook is het vaak moeilijk om de eerste week van juli vrij te krijgen als je een paar weken later ook al 3 weken vakantie hebt. Ik zou dan zeggen, rij de route en zet je strava aan. Mijn kudo heb je binnen!

Deze blog is niet bedoeld om te zeggen dat niemand meer toertochten moet gaan rijden. Als je het leuk vindt, moet je het vooral doen. Voor mij is een toertocht echter een training van 150-200km en dat doe ik liever met mensen die ik ken en vertrouw op de fiets. Veel plezier en veilige kilometers gewenst.

Groet,

Paul